23/10/2008
BRUSSEL - Het ziet er naar uit dat er een debat komt over het koninklijk besluit rond de oprichting van de politiedatabank. Dat bleek donderdag tijdens het vragenuurtje in de Kamer. Minister van Justitie Jo Vandeurzen wees erop dat de besprekingen tussen de kabinetten over de tekst lopen, maar dat er geen haast mee gemoeid is.
Vandeurzen kreeg van liefst vijf partijen - CD&V, N-VA, SP.A, PS en CDH - vragen over de zogenaamde superdatabank waarmee de regering de politie zou willen uitrusten.
Over die databank verscheen al een koninklijk besluit. Daarin staat dat de politie een reeks gevoelige gegevens kan opslaan over bepaalde categorieën van Belgische burgers vanaf veertien jaar.
Het gaat onder meer over info omtrent gezinsbanden, consumptiegedrag, etnische afkomst, fysieke en mentale gezondheid, politieke en religieuze overtuiging, lidmaatschap van vakbonden en politieke partijen en vermoedens van strafbare feiten.
Donderdagmiddag werd op alle parlementaire banken om een debat gevraagd. 'Geen probleem', aldus Vandeurzen. 'Ik zou zelfs zeggen dat het misschien beter is om een aantal elementen omtrent het beheer van die databank in een wet te verankeren, zodat, wat de principes betreft, het parlement daar ook een plaats in kan krijgen.'
Vandeurzen erkende dat het om delicate materie gaat. Hij benadrukte dat de politie niet lukraak gegevens kan gaan verzamelen. 'Altijd opnieuw moet de regeling op strafrechtelijke kwalificaties en gebeurtenissen gebaseerd en georiënteerd zijn', aldus de minister.
Wat de toegang tot de gegevens betreft, onderstreepte Vandeurzen dat werk moet worden gemaakt van een sluitende interne controle. 'Het is natuurlijk evident dat daar een aantal mechanismen ter beschikking moeten zijn en dat wij ervoor moeten zorgen dat die functioneren'. Er zal ook sprake zijn van externe controle, luidde het.
De Standaard
jns