De minister verkiest geen uitspraken te doen aan een deur,aan een hek, aan een poort, of veralgemeend, bij het binnen- of buitenkomen. De tegenvraag “Waar dan wel?”, liet de minister in voormeld geval onbeantwoord. Dat is ook begrijpelijk, want als hij dààr op was ingegaan, dan was het hek alweer van de dam…