Militairen kiezen nieuwe job bij Justitie

Print deze pagina

06/11/2008

Geachte collega’s,
Dames en heren van de pers,
Geachte aanwezigen,

Het was eenvoudig: defensie kan het voor haar welomschreven missie voort met minder mensen. Bij Justitie hebben we extra personeel nodig: voor de gevangenissen, voor de monitoring in het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht, voor de justitiehuizen, voor de centrale administratie.

Wat mijn collega van defensie Peter De Crem en ikzelf meteen voor ogen zagen, was een onmiskenbare win-win-situatie. Niet alleen voor de beide departementen, ook voor de militairen die de stap naar justitie zetten én voor de samenleving. Zoals u uit de uiteenzetting van Directeur Jan Bogaert in detail heeft kunnen vernemen, verloopt deze operatie alvast succesvol. 268 militairen hebben de overstap naar justitie gemaakt of zitten in de wervingsreserve. Dit succes is op zich niet verwonderlijk. Er is een affiniteit tussen sommige taken bij defensie en taken bij justitie. Een penitentiaire beambte heeft net als iemand in de monitoring van het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht een operationele veiligheidsjob. Ook de carrièrekansen bij Justitie, de kans om langer te werken, om nog te kunnen groeien in een taak, en vaak de gelegenheid veel dichter bij huis een job te hebben, maken een overstap voor ervaren militairen aantrekkelijk.

Het protocol dat we vandaag tekenen om deze samenwerking te definiëren is van onbepaalde duur. Dat wil zeggen dat de rekrutering niet ophoudt, en dat we ze aanhouden minstens tot defensie de invulling van haar contingent volgens plan heeft kunnen aanpassen. De samenwerking betekent ook een stap in de richting van interne mobiliteit tussen federale overheidsdiensten. Die is beperkt, maar ze oordeelkundig aanwenden waar ze pas geeft, leidt tot beter bestuur. In de marge vertel ik u dat de overkomst van militairen naar de FOD Justitie eigenlijk niet nieuw is. Onze directeur Financiën, Marc Martel, is een full kolonel. En zijn collega directeur van het directoraat-generaal Wetgeving, werkte bij het militair gerechtshof.

Ik ben dus zeer tevreden met deze samenwerking. Over de nieuwe collega’s verneem ik niets dan goeds. Ik hoop dat, eens iedereen kan zien dat het echt wel werkt, eens, zoals nu al, duidelijk is dat militairen ook bij ons hun draai kunnen vinden, ik hoop dat dan de koudwatervrees die misschien nog leeft hier en daar, kan verdwijnen. Het protocol is van onbepaalde duur, de uitnodiging, onze uitgestoken hand, blijft gelden.

Bedankt, beste collega De Crem, voor uw goede medewerkers, en voor de aangename samenwerking die op heel korte tijd dit protocol heeft opgeleverd. Ik wens dit initiatief nog veel succes toe.